Allemaal voldoendes of een specialisme?

Ken je dat? Je zoon of dochter komt thuis met een rapport om het meteen te laten zien. Achteraf betrap je jezelf erop dat je eerste opmerking over die vijf voor schrijven ging, en niet over de prachtige andere onderdelen, laat staan over de groei die je spruit met begrijpend lezen heeft gemaakt.

Ken je die leerling in je klas? Die leerling die er zin in heeft en die vol energie aan de slag gaat wanneer het over techniek, rekenen en wereldoriëntatie gaat. Waarom besteden we dan juist bij deze leerling zoveel extra tijd en aandacht aan spelling. Doen we dat om te garanderen dat we alle plezier uit de schooldag halen voor hem?

Ken je dat functioneringsgesprek? Dat gesprek waarin je in één zin te horen krijgt dat je op alle fronten prima functioneert, maar waarin de rest van het gesprek gaat over dat ene detail waar anderen gewoonweg beter in zijn.

Moeten we allemaal alles (een beetje) kunnen? Of mogen we excelleren, specialiseren en keuzes maken?

De traditionele school in Nederland probeert kinderen voor te bereiden voor de maatschappij, maar welke maatschappij? De wereld waarin de kinderen van nu opgroeien vraagt niet om kinderen die precies gelijk gevormd zijn en op alle gebieden tenminste een zesje scoren. Alle energie, tijd en motivatie die de kinderen stoppen in het verbeteren van hun vier naar een zes kan wellicht beter gestoken worden in het bereiken van een acht op de gebieden waar hun talent en motivatie wèl aangesproken wordt.

De balans tussen het maatschappelijk drempelniveau dat iedere leerling moet bereiken aan de ene kant en de mogelijkheid gebruik te maken van je kwaliteiten aan de andere kant is een moeilijke. Ik ben ervan overtuigd dat dit één van de grootste vraagstukken is waar ons onderwijs voor staat de komende jaren. Nog meer dan de vraag hoe je het beste leert is de vraag wat je het beste kan leren belangrijk. En om die te kunnen beantwoorden moet je weten waarom je leert, waarom we scholen hebben en we alle kinderen daarnaartoe laten gaan. Is dat om enigszins gelijkvormige burgers te creëren? Of om de nieuwe generatie zich te laten ontwikkelen voor hun eigen toekomst?

Ter inspiratie: Marc Lammers over zijn worsteling met topspits/tobspits Sylvia Karres

Delen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *